Registeren Inloggen

Gemeenteraadsverkiezingen gaan ook over nabuurschap en sociaal contact: ‘Ontmoetingsplekken houden dorpen leefbaar’

In aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen op 18 maart spreekt Meldpunt Actueel Geke Kiers, raadslid voor de partij DSW-Gemeentebelangen Westerveld. Dat is een uitgestrekte Drentse gemeente met 26 dorpen in Drenthe. Kiers is een groot voorstander van ‘naboarschap’ en sociaal contact. Volgens haar komt het woord uit Drenthe van ‘naobuur’, wat letterlijk buur betekent en verwijst naar het zorgen voor elkaar in de buurt.

Naboarschap en sociaal contact als basis

In haar gemeente ziet Kiers dat naboarschap (nabuurschap), het zorgen voor elkaar als buren, nog steeds een belangrijke rol speelt. “Je hebt hier dorpen die heel goed zijn in voor elkaar zorgen. Dat zit van oudsher in Drenthe,” vertelt ze. Ze benadrukt het belang van leefbare dorpen en sterke sociale netwerken. Volgens haar zijn ontmoetingsplekken cruciaal om ervoor te zorgen dat inwoners naar elkaar blijven omkijken. Sociaal contact staat ook centraal in het recente advies Gezond Verbonden van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving en de brief Zorgen over de zorgzame samenleving van de Raad van Ouderen aan de politiek.

“Ik vind het heel belangrijk dat dit soort netwerken en plekken waar mensen samenkomen blijven bestaan,” zegt ze. Dorpshuizen, sportvoorzieningen en andere ontmoetingsplekken spelen daarin volgens haar een belangrijke rol. De gemeente moet zulke initiatieven niet overnemen, maar ze wel mogelijk maken, bijvoorbeeld door middelen beschikbaar te stellen of ruimte te geven aan lokale plannen.”

Ook kritiek op naboarschap

Er is vanuit bepaalde politieke richtingen ook kritiek op dat idee van naboarschap. Deze critici, onder anderen Jimmy Dijk (SP) en Caroline van der Plas (BBB), vrezen dat het de noodzaak om iets te doen aan sociale misstanden zou ontnemen aan de overheid. Ze moeten niet alles gaan afschuiven op de burgers die het dan zelf wel gaan opknappen.

Mantelzorgers bijvoorbeeld staan op omvallen. Daar ligt juist een grote verantwoordelijkheid voor de overheid, die zich niet moet verschuilen achter naboarschap, alsof dat alles zou oplossen. Maar het een sluit het ander niet uit. Naboarschap kan goed bestaan naast overheidstaken om zorg te regelen.

Zelf een zorgcentrum bouwen

Volgens Kiers ontstaan steeds vaker initiatieven vanuit inwoners zelf, zeker wanneer zorg of voorzieningen niet vanzelfsprekend zijn. Een voorbeeld is het dorp Vledder. Toen zorgorganisaties geen zorgcentrum wilden bouwen, namen inwoners zelf het initiatief. Saamhorigheid en sociaal contact zijn de drijfveer achter alles. Het initiatief lijkt op dat (Wedde dat ’t lukt!) van het Groningse dorp Wedde, dat onder de aandacht kwam in aflevering 4 ‘Wie zorgt voor wie?’ van de MAX-docuserie De Toekomst is Grijs.

“De inwoners van Vledder hebben obligaties uitgegeven en bijna 1 miljoen euro opgehaald. Daarmee konden ze zelf een zorgcentrum realiseren,” zegt Kiers. Het centrum biedt verschillende woonvormen met zorg en een plek waar dorpsgenoten tijdelijk kunnen herstellen, bijvoorbeeld na een val, voordat ze weer naar huis gaan.

Ontmoetingsplekken onder druk

Volgens Kiers zijn voorzieningen zoals zwembaden meer dan alleen een sportplek. Ze noemt het zwembad in haar gemeente als voorbeeld: daar is deze week in de gemeenteraad over gestemd om het te blijven ondersteunen. “Zo’n plek is belangrijk, omdat mensen elkaar daar ontmoeten. Mensen trekken baantjes en drinken daarna samen koffie. Zo onderhoud je contact met elkaar,” zegt ze. Wederom ligt de nadruk op sociaal contact.

Kleine initiatieven, grote impact

Naast zulke grotere projecten zijn er ook kleinere vormen van naboarschap, zoals vrijwilligersvervoer, beweeggroepen en sociale activiteiten. “Het gaat vaak om verbinding,” zegt Kiers. “Mensen met elkaar in contact brengen.”

Sociaal contact is niet voor iedereen vanzelfsprekend

Volgens Kiers is aansluiten bij zo’n netwerk niet altijd eenvoudig, bijvoorbeeld voor mensen die nieuw in een dorp komen wonen of weinig sociale contacten hebben. Activiteiten, vrijwilligerswerk en ontmoetingsplekken kunnen dan helpen om verbinding te maken, en de drempel laag te houden.

Vooruitkijken

Met vergrijzing en druk op de zorg ziet Kiers naboarschap als een belangrijk onderdeel van hoe dorpen leefbaar blijven. Tegelijk benadrukt ze dat voorzieningen nodig blijven en dat gemeenten daarin een faciliterende rol hebben. “Als gemeente moet je daar wel iets voor doen,” zegt ze. “Maar vooral inwoners serieus nemen en ruimte geven voor hun initiatieven.”

(Foto: Geke Kiers)

Sociaal contact als sleutel naar een gezond leven: ‘Samen lezen, fietsen, koken, spelletjes doen en bedenk het maar’

 

Geef een reactie