Artsen staan lijnrecht tegenover politiek bij coronaverhoren: ‘Code zwart was wel degelijk aan de orde’
De recente verhalen over infectie met het Hantavirus brengen de coronatijd terug in de herinnering. Hebben we er iets van geleerd? Op dit moment vindt de parlementaire enquête plaats over de coronamaatregelen. In een uitzending van Nieuwsuur reageren artsen op de verklaringen van de toenmalige regering, voor wie het in die zware tijd net niet code zwart was. Dat was het volgens deze artsen wel. Beddentekorten hebben geleid tot honderden doden.
De herinnering aan corona blijft
Dat de herinnering aan corona nog niet voorbij is, blijkt uit een recente uitzending van Meldpunt Actueel waarin mensen met postcovid aan het woord komen. Zij hebben er nog dagelijks last van. De coronaverhoren in het parlement komen voor hen geen moment te vroeg.
Wat houdt code zwart in tijdens de coronapandemie?
Een belangrijk thema tijdens de coronaverhoren is ‘code zwart’. Tijdens de coronapandemie is code zwart de aanduiding van de situatie waarin er meer patiënten zijn dan beschikbare ic‑bedden. Op zulke momenten moeten artsen kiezen wie wel en geen levensreddende zorg krijgt. Dat is altijd een duivels dilemma. In de Nederlandse officiële definitie geldt code zwart pas in de meest extreme fase. Dat is bij fase 3c, als alle bedden ook bij onze buurlanden vol liggen. Selectie van patiënten gebeurt dan niet meer op medische gronden, maar kan dan zelfs via loting plaatsvinden.
De Nederlandse aanpak tijdens de coronacrisis
Nederland kiest in 2020 voor een strategie van ‘maximaal controleren’. Maatregelen worden pas aangescherpt wanneer de druk op ziekenhuizen te groot dreigt te worden. Tegelijk hanteert het ministerie van Volksgezondheid een strikte definitie van code zwart. Daardoor is formeel gesteld dat deze fase nooit is bereikt. Nederland zou zijn blijven steken in een lichtere crisisfase (2d), beweren de nu ondervraagde verantwoordelijken tijdens de coronaverhoren.
Verschil in interpretatie over code zwart
Tijdens de parlementaire enquête stellen oud‑premier Mark Rutte, zijn opvolger, toenmalig topambtenaar Dick Schoof en oud‑zorgminister Tamara van Ark dat Nederland code zwart net heeft weten te voorkomen. Ze verwijzen naar het uitblijven van een ‘Bergamo‑scenario’. Die Italiaanse stad kampt tijdens de coronacrisis met overvolle ziekenhuizen en patiënten voor wie geen hulp is.
Artsen zien wel code zwart
Artsen, ic‑artsen, huisartsen en verpleeghuisartsen, schetsen tegenover Nieuwsuur echter een ander beeld. Zij spreken van een ‘papieren werkelijkheid’ en stellen dat er feitelijk wel degelijk sprake is geweest van code zwart. Die zou zijn verborgen buiten het ziekenhuis. In het begin zijn oudere patiënten soms bewust niet doorgestuurd of opgenomen vanwege de te verwachten schaarste aan bedden. Dat heeft mogelijk geleid tot honderden doden. Het verschil zit dus in de interpretatie van code zwart. Waar de politiek kijkt naar de definitie ervan, kijken de artsen naar de praktijk en wat er zichtbaar is.
Lessen leren
De artsen pleiten er nu voor dat de enquête de feitelijke situatie van toen erkent en vastlegt in het eindverslag. Ze willen ook de impliciete selectie op basis van een te verwachten tekort aan bedden daarin opnemen. Er zijn lessen te trekken uit dit verschil in interpretatie tussen overheid en zorgwerkvloer. Alleen zo is Nederland klaar voor toekomstige gezondheidscrises.
Ouderen en de coronaverhoren
In de coronaverhoren gaat het over de impact van de maatregelen op de zorg, inclusief de ouderenzorg. “Eerder is er kritiek geuit dat ouderen in deze parlementair enquête niet genoeg te horen zouden zijn,” zegt Charlotte Nuis, parlementair redacteur van Meldpunt Actueel “Opvallende afwezige is Nienke Nieuwenhuizen, de toenmalig voorzitter van Verenso, de vereniging van specialisten ouderengeneeskunde. Zij is namelijk niet uitgenodigd.”
Voormalig OMT-lid Diederik Gommers zegt (op maandag 15 juni) dat hij toentertijd ‘ruzie heeft gemaakt’ met ex-premier Rutte en oud-zorgminister Hugo de Jonge over het meenemen van iemands leeftijd. Dat is belangrijk in het geval er keuzes moeten worden gemaakt over wie wel en wie niet op te nemen op de intensive care. Gommers: “Ik heb gezegd dat zij daar niet over gingen.”
Een andere interessante gast deze week (19 juni) is Bianca Buurman, hoogleraar Acute Ouderenzorg en voorzitter van Verpleegkundigen en Verzorgenden Nederland. Buurman heeft het onderzoek naar besmettingen in verpleeghuizen geleid, waar preventief mondmaskergebruik uit is voortgekomen. Ook is ze in de coronacisis betrokken geweest bij de pilots voor het veilig heropenen van bezoek aan verpleeghuisbewoners. De parlementaire enquête is hier te volgen.
(Bron: Nieuwsuur, Tweede Kamer, V&VN, archief. Foto: ANP)