Registeren Inloggen

Hoe kan ex-kankerpatiënt goed functioneren na terugkeer op het werk?

Door long covid is er aandacht gekomen voor de effecten van ziekte op de langere termijn. Maar er bestaat verbazingwekkend weinig kennis over ex-kankerpatiënten, die weer aan het werk zijn. Hoe kunnen zij goed functioneren, terwijl ze vaak nog last hebben van vermoeidheid en concentratieproblemen? Organisatiepsycholoog Ingrid Boelhouwer deed onderzoek hiernaar.

Onderzoeksvragen

In het dagelijks leven is Ingrid G. Boelhouwer docent en onderzoeker bij de opleiding Toegepaste Psychologie aan de Hogeschool van Amsterdam. Haar onderzoek is getiteld: Work functioning beyond return to work past cancer diagnosis: the impact of chronic late effects of cancer treatments, autonomy and support at work on work functioning 2-10 years past cancer diagnosis. Vrij vertaald richt haar onderzoek zich op werkende mensen die 2-10 jaar geleden geconfronteerd zijn met een kankerdiagnose.

Om wie gaat het?

Jaarlijks krijgen 50.000 werkende  mensen in ons land de diagnose kanker. En daarvan keert driekwart terug op het werk. Maar hoe houden zij zich daar? In haar onderzoek richt Boelhouwer zich cijfermatig op 3 hoofdthema’s. Zo keek zij naar (1) de autonomie van deze groep mensen op de werkvloer. Wat mogen zij zelf bepalen? Ook (2) de sociale steun door collega’s en de (3) ondersteuning door de leidinggevenden onderzocht ze. Maar die laatste twee onderwerpen liggen heel dicht bij elkaar.

Onderzoeksgroep

Een groep van 750 na kanker teruggekeerde werknemers deed mee. Daarvan was 90 procent vrouw. 72 procent had borstkanker gehad, en 28 procent een andere vorm van kanker. De gemiddelde leeftijd was 49 jaar. Niet alleen mensen in loondienst, maar ook zzp’ers deden mee.

Waar lopen deze mensen tegenaan?

“Hoe is het om weer aan het werk te zijn? Waar lopen deze mensen tegenaan?” zegt Boelhouwer. Ze is ervaringsdeskundige. “Ik ben zelf ook zo iemand. Ik hoorde allerlei verhalen van lotgenoten. Maar ik kon er weinig over vinden. In ziekenhuizen vertelde men mij niks over de mogelijke (onbedoelde) gevolgen van de behandelingen op de langere termijn. Ook niet in relatie tot werk. Dus ben ik het zelf gaan onderzoeken.”

Vermoeidheidsverschijnselen en concentratieverlies

Ze stelde vragenlijsten op die de deelnemers aan het onderzoek grif hebben gedeeld. “De een heeft zenuwpijn, de ander lymfoedeem. Maar vermoeidheid blijkt veruit het meest voorkomende late effect te zijn. Wel bij rond de 40 procent van de ondervraagden speelt dit.”

Er is een verband tussen vermoeidheid en cognitieve klachten en het functioneren op het werk. Wie last heeft van deze verschijnselen heeft meer kans op burn-outklachten. “Die vermoeidheid is voor ex-kankerpatiënten heel onvoorspelbaar,” zegt Boelhouwer. “Het licht kan zomaar ineens uitgaan. Bij de cognitieve klachten gaat het vooral om concentratiestoornissen en bijvoorbeeld snel overprikkeld zijn. Of ze kunnen minder makkelijk allerlei dingen tegelijk doen dan voorheen.”

Autonomie

Als de mensen na ziekte terugkeren is het belangrijk wat zij zelf mogen bepalen. Dat heet autonomie. “Bij autonomie gaat het om wat mensen zelf mogen regelen op hun werk,” legt Boelhouwer uit. “Dat is heel belangrijk. Kunnen ze meepraten? Mogen ze zelf hun werk indelen? En mogen ze hun eigen werktempo bepalen? Of de volgorde van hun taken? Bij meer autonomie functioneert de teruggekeerde persoon namelijk beter. Bovendien vermindert het de kans op burn-outklachten.”

Uit het onderzoek blijkt dat meer autonomie belangrijker is bij cognitieve dan bij lichamelijke klachten. Want daar moet er niet te weinig autonomie in het werk zijn, maar ook niet te veel.

Sociale steun

Steun van de collega’s helpt ook enorm. Dat geldt ook voor ondersteuning door leidinggevenden. Voor het gemak bespreekt Boelhouwer deze twee samenhangende onderwerpen tegelijk. “Het gaat om in gesprek zijn met elkaar. Maar dit moeten ze dan wel blijven doen. Je moet ergens terecht kunnen met je vragen of bijvoorbeeld spanning en stress kunnen delen. En een afdeling Human Resources (personeelszaken) kan hier zeker een grote rol in spelen. Alles draait om ‘onderhoud’. Want als je het een jaar niet doet, dan gaat het goede effect op het functioneren verloren.”

Op vrijdag 30 september 2022 om 16.00 uur verdedigt Boelhouwer aan de Open Universiteit in Heerlen haar proefschrift. Haar promotor is prof. dr. Tinka van Vuuren, Open Universiteit. Copromotor is dr. Willemijn Vermeer, Hogeschool van Amsterdam.

Geef een reactie