Registeren Inloggen

Slingeren met de caravan: dit veroorzaakt het en zo voorkomt u het

Of een caravan wel of niet slingert is van verschillende factoren afhankelijk. Het is deels ervaring, maar daarnaast kunt u het voorkomen door met een aantal dingen rekening te houden. We zetten ze in dit artikel op een rij.

Niet te zwaar beladen

Hoe zwaar u uw caravan kunt beladen is afhankelijk van de auto die u rijdt. Zwaardere auto’s geven meer stabiliteit, maar voor een veilige en stabiele combinatie is vooral een goede gewichtsverhouding belangrijk. Houd daarom het maximale laadvermogen van de auto en caravan in de gaten en bedenk u dat als u alle bagage in de caravan legt, u een relatief lichte auto heeft. Mocht de caravan dan slingeren, dan heeft u ook geen controle meer over de lichtere auto. De ANWB adviseert de 75 procent-regel voor de gewichtsverhouding: belaad de caravan tot maximaal 75 procent van het gewicht van de beladen auto (=gewicht auto + 300 à 325 kg voor 2 volwassenen, 2 kinderen en bagage). De wettelijk toegestane maximale gewichten vind u op de kentekenbewijzen van uw caravan en auto. Als u weet hoeveel uw caravan onbeladen weegt, dan weet u ook hoeveel gewicht u maximaal kunt meenemen. Uw beladen caravan kunt u wegen op een weegbrug of met een speciale caravanweegschaal. Vervoer daarnaast voor zover mogelijk zwaardere spullen in uw auto.

Bagage goed verdelen

Des te beter u uw caravan belaadt, des te stabieler blijft die. Door veel op te slaan in de beschikbare opbergruimtes, zoals de bankkasten en kastjes bovenin ontstaat er al snel een verkeerde gewichtsverdeling. Zorg daarom dat u zware spullen zo laag mogelijk plaatst, zo dicht mogelijk bij de as en gelijk verdeeld over de linker- en rechterkant van de caravan. Lichte spullen kunt u in de bovenkastjes of voor- en achterin de caravan kwijt. Wees vooral ook kritisch op wat u meeneemt. Heeft u het echt allemaal nodig?

De juiste kogeldruk

Zowel uw auto als caravan moet de juiste kogeldruk hebben. De juiste kogeldruk op de trekhaak staat beschreven in het instructieboek van de fabrikant van uw auto, trekhaak en caravan of in de bijgeleverde documenten. Volg de opgegeven kogeldruk van de caravan, maar houd maximaal de toegestane kogeldruk van uw auto aan. Is de kogeldruk te hoog? Zorg dan voor een andere belading. Maak de disselkast leeg of leger en neem eventueel minder of lichtere gasflessen mee. Het reservewiel kunt u ónder de caravan hangen, of in uw auto vervoeren. Laat de watertank leeg. Als de caravan te veel kogeldruk heeft, compenseer dat dan niet door achterin meer gewicht te plaatsen. Andersom ook niet. Zorg daarentegen voor meer gewicht in het midden.

Controleer de bandenspanning na beladen

Meet als u klaar bent met beladen, en voordat u vertrekt, de bandenspanning van de caravan en de auto. Te weinig lucht vermindert het draagvermogen, te veel gaat ten koste van het comfort. De ANWB hanteert 3 bar als vuistregel voor doorsnee caravanbanden. Bij reinforced- en c-banden is dat 3,5 tot 5 bar. De bandenindustrie adviseert vanaf 4,5 bar versterkte (stalen) ventielen te gebruiken.

Pas uw snelheid aan

In Nederland is de maximumsnelheid voor een auto met aanhanger of caravan 90 kilometer per uur. In sommige landen ligt de maximumsnelheid voor deze combinaties hoger, maar ga daar alleen toe over als uw combinatie daarvoor geschikt is. Houd anders maximaal 90 kilometer aan.

Fietsen mee? Liever niet achterop de caravan

Wie op de vakantiebestemming graag fietstochten maakt, zal het liefst de eigen fietsen van huis meenemen. Plaats die bij voorkeur dan niet achterop uw caravan. Dat zorgt namelijk voor een instabiele wegligging. Het gewicht aan de achterkant maakt de caravan slingergevoelig. Plaats ze daarom als het even kan ín de caravan. Zelfs het meenemen van 1 fiets in de caravan levert al voordeel op. Zet de fiets(en) bij voorkeur boven de as vast, voor de beste wegligging. Ook kunt u ervoor kiezen de fietsen op de auto te vervoeren. Is er geen plek in de caravan of op de auto en plaatst u ze toch achterop de caravan, houd uw snelheid dan lager.

Stabilisatorkoppeling voorkomt slingeren

Een stabilisatorkoppeling dient zoals de naam al doet vermoeden voor het stabieler houden van de caravan. Ook maakt deze koppeling het rijden wat comfortabeler. Het zorgt voor minder luchtverplaatsing bij het passeren van vrachtwagens en plotselinge windstoten. Het is echter geen wondermiddel. U kunt er niet opeens harder door rijden en het kritische punt, oftewel de snelheid waarbij de caravan gaat slingeren, ligt iets hoger, maar tegelijkertijd verkort het de waarschuwingsfase. Een verkeerd beladen caravan wordt door de stabilisator langer in bedwang gehouden, maar op een bepaald moment zal hij toch gaan slingeren. Het is daarom verstandig er een proefrit mee te maken en de stabilisatorkoppeling alleen op de snelweg te gebruiken.

Trailercontrole

De meeste moderne auto’s zijn inmiddels uitgerust met trailercontrole, een elektronisch stabilisatieprogramma. Dit systeem geeft de bestuurder duidelijke signalen en remt automatisch af bij slingeren. De sensoren merken het meteen als er tractieverlies dreigt door slingeren en de trailercontrole grijpt dan in. Dit systeem is overigens ook vaak achteraf in te bouwen.

Toch aan het slingeren, wat nu?

Bij het slingeren zijn er 3 stadia te onderscheiden. Heen en weer schommelen van vooral de caravan, waarbij de beweging vanzelf ophoudt. Bij enkele kleine en direct afnemende bewegingen is dan nog niet echt sprake van (gevaarlijk) slingeren. Vervolgens het slingeren van zowel de caravan als de auto, waarbij het slingeren (te lang) blijft voortbestaan. Dit komt tegen de kritische snelheid aan en de veiligheidsmarge is (te) klein. Tenslotte wordt het slingeren steeds heftiger en dit versterkt zichzelf. Zonder ingrijpen zal de combinatie scharen. Merkt u dat uw caravan slingert, dan is gas loslaten en remmen de enige mogelijkheid om die weer stabiel te krijgen. Doe dit direct en krachtig (maar wel gedoseerd), om blokkeren te voorkomen. Probeer niet tegen te sturen om het slingeren op te vangen, maar blijf rechtuit sturen. Wacht ook niet met remmen totdat de caravan recht achter de auto zit, maar reageer direct. De snelheid moet met zeker zo’n 20 à 30 kilometer afnemen en dan zult u merken dat het slingeren vanzelf ophoudt. Volgt de caravan weer mooi, stop dan met remmen. Controleer vervolgens zo gauw het kan de bandenspanning, belading en kogeldruk en pas zo nodig zaken aan.

Bron: MAX Vandaag

Geef een reactie

Reactie

    Zorg ook voor goede schokdempers. Ook in de stalling “slijten” de dempers van een caravan. Het aantal gereden km. is niet maatgevend. Groet.