Zestigers met ADHD (2): ‘Ik vraag me af hoe mijn leven eruit had gezien als ik dit eerder had geweten’
De komende tijd zoomen we in een artikelenserie in op ADHD. Vandaag deel 2: 60-plussers (het vervolg). De 4 mensen die Meldpunt Actueel hierover spreekt in deze leeftijdscategorie, vertellen hoe hun leven in een ander licht is komen te staan. Het besef is pijnlijk dat een diagnose tientallen jaren te laat is gekomen.
Wat eraan voorafging
In het eerste deel van deze artikelenserie is al aan de orde gekomen dat ook ouderen aan ADHD kunnen lijden en wat het precies is. Deze mensen leven decennialang zonder diagnose, compenseren tot ze niet meer kunnen en pas op latere leeftijd valt alles op zijn plek: met opluchting én rouw. In de leeftijdsgroep 60–69 jaar wordt ADHD opvallend vaak pas laat herkend. In het eerste deel zijn Liesbeth Louwers (63) en Jan (68) aan het woord gekomen. We pikken nu de draad op bij Josca Henkelman (63) en Marja Boer (67).
Josca Henkelman (63) over levensontregeling en fysieke kwetsbaarheid
Bij Josca wordt ADHD pas echt zichtbaar als haar leven abrupt ontregeld raakt. Ze werkt bij een nieuwe werkgever waar ze in een conflict belandt. De manier waarop ze functioneert (snel denken, stappen overslaan, zelfstandig systemen doorgronden) botst met een collega. Die kan namelijk haar tempo en werkwijze niet aan. Als ze vervolgens op non‑actief is gezet, loopt ze vast. “Toen mijn structuur instortte, werd mijn ADHD ineens heel zichtbaar,” zegt ze nu, terugblikkend op die vervelende situatie.
‘Er moet meer aan de hand zijn dan gewoon druk zijn’
Die ontregeling maakt haar ADHD‑symptomen plotseling veel zichtbaarder. Ze voelt zich chaotisch, emotioneel, overprikkeld en kan niet meer compenseren zoals ze dat haar hele leven heeft gedaan. Het is precies deze periode van instabiliteit die haar doet beseffen dat “er meer aan de hand moet zijn dan gewoon druk zijn.”
Kort na het werkconflict krijgt Josca een ernstig ongeluk waarbij ze haar sprongbeen in drie stukken breekt. Haar voet is verbrijzeld en haar schouders raken ook beschadigd. Ze moet opnieuw leren lopen en maanden revalideren. Tegelijkertijd ontwikkelt ze spierreuma, waarschijnlijk door langdurige stress. Ze heeft al 26 jaar diabetes type 1.
‘Nooit beseft dat haar gedrag ADHD is’
Door deze fysieke kwetsbaarheid valt haar gebruikelijke coping (mechanisme om ermee om te kunnen gaan) weg. “Ik ben iemand die altijd gaat, en ineens kon ik helemaal niets meer,” zegt ze. De combinatie van immobiliteit, pijn en afhankelijkheid maakt haar ADHD‑symptomen veel intenser. Ze kan haar energie niet kwijt, haar hoofd blijft draaien. En ze voelt zich opgesloten in haar eigen lichaam. De fysieke stilstand maakt haar mentale onrust zichtbaarder dan ooit. Ze is altijd “veel” (erg aanwezig), maar dat is door haar omgeving vaak geïnterpreteerd als karakter, niet als neurodivergentie. Pas als haar leven stilvalt door stress en lichamelijke problemen, wordt duidelijk hoezeer ze altijd heeft gecompenseerd.
Ineens krijgt ze een inzicht: “Door de revalidatie zat ik vast in mijn lichaam, maar mijn hoofd bleef maar doorgaan.” Ze zegt zelf dat ze “nooit heeft beseft dat haar gedrag ADHD is,” omdat het voor haar normaal voelt.
ADHD als ‘een nieuw kader om haar leven te begrijpen’
De diagnose geeft haar “een nieuw kader om haar leven te begrijpen.” In dit verband wijst ze op haar impulsiviteit, haar moeite met afronden, haar neiging om gesprekken over te nemen, haar hyperfocus en haar constante behoefte aan structuur.
Ondanks de zware periode ziet Josca ook positieve kanten van haar ADHD. Ze denkt out‑of‑the‑box, is creatief, ondernemend en heeft een enorme drive. Ze blijft nieuwsgierig en leergierig en zoekt manieren om haar sterke kanten te blijven inzetten.
Marja Boer (67) over het gemiste leven door een veel te late diagnose
Marja beschrijft dat ze haar hele leven al het gevoel heeft dat ze “tegen muren oploopt.” Maar nooit begrijpt ze waarom. Ze voelt zich chaotisch, snel overprikkeld en voortdurend bezig om grip te krijgen op situaties die anderen moeiteloos lijken te begrijpen.
Omdat ADHD bij vrouwen van haar generatie nauwelijks wordt herkend, wordt haar gedrag gezien als karakter, koppigheid of onaangepastheid. Ze is opgegroeid in een ingewikkelde thuissituatie en ontwikkelt al jong concentratieproblemen. Maar niemand legt ooit een verband met ADHD. Daardoor leeft ze decennialang zonder taal voor wat zich in haar hoofd afspeelt.
Op haar 63e de diagnose ADHD
Ze krijgt op haar 63e de diagnose ADHD. Voorheen heeft Marja altijd gedacht dat zij het probleem is. Ze compenseert door extreem gestructureerd te werken, hard te zijn voor zichzelf en nooit op te geven. Ze noemt zichzelf “een ‘bikkel’, iemand die altijd doorgaat, zelfs als het eigenlijk niet meer gaat.”
Jarenlang werkt ze als boekhouder, een beroep dat haar door zijn structuur redt. Maar ook verhult het hoe zwaar ze het heeft. Ze voelt zich vaak onaangepast, maar denkt dat ze gewoon harder moet werken of zich beter moet beheersen. Het ontbreken van een diagnose maakt dat ze zichzelf voortdurend corrigeert, bekritiseert en overschreeuwt.
Door het ontbreken van erkenning krijgt Marja jarenlang behandelingen, die niet aansluiten bij haar werkelijke probleem. Ze slikt antidepressiva vanwege dopamine‑tekorten, die achteraf bij ADHD blijken te horen. Ze krijgt therapieën die haar gedrag moeten aanpassen, terwijl ze eigenlijk inzicht nodig heeft hoe haar brein werkt.
‘Ik ben zo vaak ergens tegen de muur gelopen’
De conflicten op werk, de burn‑outachtige klachten en het gevoel steeds opnieuw te falen, hadden misschien voorkomen kunnen worden. De late diagnose voelt voor haar als een gemiste kans op een lichter, rustiger leven: “Ik ben zo vaak ergens tegen de muur gelopen. Ik vraag me af hoe mijn leven eruit had gezien als ik dit eerder had geweten.”
Als Marja eindelijk de diagnose ADHD krijgt, voelt dat als een bevestiging van iets wat ze onbewust al weet. Het geeft haar een verklaring voor haar levenslange worstelingen. Ze realiseert zich hoeveel jaren ze heeft doorgebracht in verwarring, zelfverwijt en overcompensatie. Ze vindt het schrijnend dat ADHD bij oudere vrouwen zo lang een blinde vlek is geweest.
Inzicht in haar brein, maar ook een gevoel van verlies
De late diagnose heeft Marja niet alleen inzicht gegeven, maar ook een gevoel van verlies. Ze vraagt zich af hoe haar carrière, relaties en zelfbeeld eruit hadden gezien als ze eerder was gezien. Ze voelt frustratie over de lange wachtlijsten en het gebrek aan kennis over ADHD bij ouderen. Ze ziet dat haar generatie de grootste kans heeft om nooit gediagnosticeerd te worden, terwijl juist zij de zwaarste gevolgen dragen van een leven lang de problemen te maskeren. De diagnose mag dan te laat zijn gekomen om haar werkzame leven te veranderen, maar vroeg genoeg om eindelijk te begrijpen wie ze is.
In deel 1 legt GZ‑psycholoog Jolien Diekhorst uit hoe pijnlijk dat inzicht is voor veel zestigplussers. De diagnose brengt erkenning, maar ook rouw om wat er anders had kunnen zijn. Ze adviseert als stap 1 om het altijd eerst bespreekbaar te maken bij de huisarts.
Door: Orly Metten
(Wordt vervolgd)
(Bron: Hersenstichting, Tilburg University, archief. Foto: MAX)