Registeren Inloggen

Vraag naar mondzorg neemt toe door dubbele vergrijzing: ‘Kan het aanbod dat wel bijhouden?’

De Nederlandse mondzorg krijgt de komende decennia te maken met een forse groei van de zorgvraag. Volgens recent onderzoek van Rabobank komt dat door de zogenoemde ‘dubbele vergrijzing’. Niet alleen groeit het aantal 65-plussers sterk, ook het aantal 75-plussers neemt snel toe. Juist die laatste groep doet steeds vaker een beroep op de tandarts, ook omdat tegenwoordig meer mensen hun eigen tanden nog hebben.

De vergrijzing in cijfers en het effect op de mondzorg daarvan

De belangrijkste cijfers over de vergrijzing uit het Rabobank-onderzoek met betrekking tot mondzorg (RaboResearch, gepubliceerd op 26 juni 2026) zijn:

  • Tussen 2025 en 2035 groeit het aantal 65-plussers met 713.000 personen.
    • Daarvan zijn 252.000 mensen tussen 65 en 75 jaar.
    • 461.000 mensen zijn 75-plussers.
  • Tussen 2035 en 2045 komen daar nog eens 509.000 75-plussers bij.
  • In 2045 is ruim 1 op de 7 Nederlanders ouder dan 75 jaar, tegenover 1 op de 10 nu.

Deze ontwikkeling zorgt logischerwijs ook voor meer vraag naar mondzorg. Op basis van bevolkingsgroei alleen verwacht Rabobank dat het aantal jaarlijkse ‘contactmomenten’ (fysieke bezoeken plus telefoontjes) in de mondzorg stijgt van circa 60 miljoen in 2026 naar 62 miljoen in 2035 en 64 miljoen in 2045. Leontine Treur, senior econoom bij Rabobank en 1 van de 3 onderzoekers, zegt dat deze toekomstverwachtingen zijn gebaseerd op cijfers afkomstig van het CBS. “Dat zijn heel eenvoudige sommetjes.”

Ouderen houden langer hun eigen tanden

De zorgvraag groeit ook doordat ouderen steeds minder vaak een volledig kunstgebit hebben. Waar in 2009 nog 53 procent van de 75-plussers geen eigen tanden meer heeft, is dat in 2025 gedaald naar 25 procent. Veel ouderen hebben tegenwoordig nog hun eigen gebit, vaak aangevuld met kronen, bruggen of implantaten.

“Er zijn dus niet alleen meer ouderen, maar ook meer ouderen met een eigen gebit. De stijging is heel opvallend en dat is een versterkende factor,” merkt Treur op. Daardoor gaan zij ook vaker naar de tandarts, zo laten de cijfers hieronder duidelijk zien:

  • In 2025 bezoekt 70 procent van de 75-plussers jaarlijks de tandarts.
  • Een gemiddelde 75-plusser heeft in 2025 3,2 contacten per jaar met de tandarts.
  • In 2014 is dat nog maar 1,6 contactmoment.

Tekort aan tandartsen, ‘numerus fixus’ bij opleidingen gaat omhoog

Tegenover de stijgende vraag staat een dreigend tekort aan tandartsen. Treur zegt dat het onderzoek vooral de stand van zaken en de toekomstverwachtingen bespreekt, maar geen oplossingen aandraagt. Die worden overgelaten aan Den Haag. “Wij zien dat er een grote vraag aankomt en bekijken vervolgens of het aanbod dat wel kan bijhouden.”

Momenteel zijn er slechts 259 opleidingsplaatsen tandheelkunde aan 3 Nederlandse universiteiten. Aan de meeste universiteiten is er een numerus fixus (beperkt aantal nieuwe studenten). Het ministerie van OCW heeft besloten dit aantal uit te breiden naar 290 plaatsen in 2027.

Volgens brancheorganisatie KNMT en het Capaciteitsorgaan is dat onvoldoende. Zij vinden dat er ruim 100 extra opleidingsplaatsen nodig zijn. Uit het zogenaamde Capaciteitsplan blijkt zelfs dat een jaarlijkse instroom van 386 studenten nodig is om vraag en aanbod op termijn serieus in evenwicht te brengen.

Mondzorg is erg afhankelijk van buitenlandse tandartsen

Nederland leunt intussen steeds meer op buitenlandse tandartsen. Inmiddels is 25 procent van de werkzame tandartsen in het buitenland opgeleid. Zij komen onder meer uit Spanje, Duitsland, België, Roemenië, Griekenland, Zuid-Afrika en Syrië. Volgens de KNMT is dat geen structurele oplossing, omdat deze tandartsen zo ook weer kunnen vertrekken.

Grote regionale verschillen

De problemen zijn niet overal even groot. Tandartsen vestigen zich vaak rond de opleidingssteden Amsterdam, Nijmegen en Groningen, terwijl de vergrijzing juist relatief sterk is in regio’s als Noordoost-Groningen, Limburg en Zeeland.

Het verschil is opmerkelijk: in de regio Delfzijl bedient een tandartspraktijk gemiddeld 2.986 inwoners, tegenover 856 inwoners per praktijk in Groot-Amsterdam. “3 keer zoveel dus. Dat is een opvallend groot verschil,” constateert onderzoekster Treur. Vooral in dunbevolkte gebieden dreigen langere wachttijden en sluitingen van praktijken.

Hier maakt Treur wel een belangrijke kanttekening: “We hebben niet gekeken of tandartsen voltijds of deeltijds in dienst waren. We zijn uitgegaan van tandartspraktijken, maar hebben niet gekeken naar hoeveel tandartsen er per praktijk werkten.”

Niet alle ouderen gaan naar de tandarts

Tegelijkertijd is er een groep ouderen die mondzorg mijdt. Mondzorg voor volwassenen zit namelijk niet in het basispakket, waardoor eigen bijdragen en bijbetalingen een grote drempel vormen. Volgens het ministerie van VWS gaan ongeveer 640.000 volwassenen om financiële redenen minder dan eens per 2 jaar naar de tandarts.

Meldster Anna mailt hierover: “Dat veel mensen geen geld hebben om naar de tandarts te gaan, dat stemt me heel verdrietig. Wat mij verbaast, is dat er in verpleeghuizen veel mondzorg wordt aangeboden. Ik vraag me af of naar dit verdienmodel voor bedrijven weleens onderzoek gedaan is?”

Daarnaast spelen bij ouderen soms mobiliteitsproblemen, verminderde zelfredzaamheid of dementie een rol. Hierdoor worden gebitsproblemen soms te laat ontdekt. Dat kan de zorgvraag uiteindelijk juist nog verder vergroten.

Goede mondzorg is ook belangrijk voor de algemene gezondheid

Het belang van goede mondzorg valt niet te onderschatten. Veel ziektes openbaren zich eerst in de mond, zoals eerder al in een uitzending van Meldpunt Actueel aan de orde is gekomen.

De belangrijkste bevindingen laten zich als volgt samenvatten: goede mondzorg kan bijdragen aan het vroegtijdig signaleren van ziektes. Onderzoek van universitair tandheelkundig centrum ACTA richt zich op de mondbacterie Porphyromonas gingivalis. Deze bacteriesoort komt voor  bij parodontitis (ernstige tandvleesontsteking ) en is aangetroffen in de hersenen van overleden Alzheimerpatiënten.

Hoewel een oorzakelijk verband tussen parodontitis en Alzheimer nog niet is bewezen, kan verder onderzoek mogelijk bijdragen aan eerdere opsporing van de ziekte. Omdat steeds meer ouderen hun eigen gebit behouden, is goede mondzorg belangrijk voor zowel de mondgezondheid als de algemene gezondheid. Daarom worden op bijvoorbeeld ‘vitaliteitsdagen’ mond- en gezondheidscontroles aangeboden.

Op maandag 27 juli 2026 heeft Villa VDB op NPO Radio 1 ook aandacht besteed aan dit thema

(Bron: Rabobank/RaboResearch, CBS, KNMT, OCW, VU, UvA, archief. Foto: ANP)

Wat zegt onderzoek over oorzaken en behandeling dementie?

 

Onderwerpen:

Geef een reactie